Fort bij Aalsmeer

Fort bij Aalsmeer is onderdeel van de Stelling van Amsterdam

De Stelling was onderverdeeld in: 4 Sectoren - 9 Groepen - 20 Vakken;
Fort bij Aalmeer behoorde tot: Sector Slooten - Groep Schiphol - Vak Aalsmeer
Het fort bij Aalsmeer is van het standaard type A.
Dit houdt onder andere in dat de hefkoepelgebouwen niet zijn verbonden met de keel.
Afwijkend is dat het Fort bij Aalsmeer uitgerust is met een dubbele fortgracht.
Een ander bijzonder aspect vormen de naast het fort gelegen 2 sluisjes.
Deze hadden een tweeledige functie.
Zij vormden een toegangsvaarweg tot de Haarlemmermeerpolder en
maakten onderdeel uit van het inundatiesysteem.

Het Fort bij Aalsmeer had geen vaste bezetting.
In het fort was bomvrij logies voor:

De bewapening van het Fort bij Aalsmeer

Artillerie

Infanterie

Infanterievuur kon gegeven worden:

De bomvrije gebouwen

Frontgebouw, Poternegebouw, Hoofdgebouw,
Linker- en rechter keelkanon-
en mitrailleurkazemat
Deze vormen een aaneengesloten geheel.

Fundering

De gebouwen hebben een fundering hoog 3,98 m..
Het bestaat uit cementbeton, van een deel cement,
2 1⁄2 delen rivierzand en 5 delen grind.
Het geheel rust op 2145 palen. De lengte der palen is:

4 st van 14 m., 4 st van 12 m., 4 st van 10 m. en de overige palen zijn 9 m.

Hefkoepels



Het Fort van Aalsmeer is van het standaard type A en de hierbij nog aanwezige
hefkoepelgebouwen zijn als een van de weinigen gespaard gebleven
voor opblazen door de Duitse bezetter en nog grotendeels in takt.

In de geschiedenis van het fort bij Aalsmeer opgetekend door
Majoor Eerstaanwezend – Ingenieur P.C. Kool,
wordt met betrekking tot deze onderdelen het navolgende vermeld:

De Hefkoepels F en G hebben elk een fundering van cementbeton,
hoog 2,15 m.,
bestaande uit: een deel cement, 2½ delen rivierzand en 5 delen grind,
rustende op 60 heipalen, elk lang 9 m.: de koppen,
met het bovenvlak op 3,7 m. + AP., zijn over 0,2 m. hoogte
in het beton ingewerkt.
De in deze fundering uitgespaarde cilindervormige opening is gedekt
door G aan de einden omgebogen rails.


Boven de fundamenten zijn de opgaande muren en dekkingen,
alsmede de betonranden, rabatten, trappen en vleugelmuren van cement beton,
van de samenstelling 1 deel cement, ¼ deel rivierzand en 3 delen steenslag.
De bodem van de koepelruimte en den binnenkant van den cilindervormige
wand tot 0,4 m. + AP, bestaat uit 2 klamplagen van klinkers in S.T.
Vanwege de ingangsopening voert een ijzeren laddertje naar den bodem van
den koepelruimte en van daar naar dergelijk laddertje naar
den op ijzeren liggers liggende houten vloer.


De pantserkoepels hebben elk een dekplaat van nikkelstaal,
dik 0,075 m. Verenigd door een voering van smeltijzer in 2 platen,
elk dik 0,02 m.
De voorpantsers bestaan elk uit 3 hardgegoten ijzeren platen, hoog 1 m.
en dik aan den bovenzijde 0.28 m. en aan den bovenzijde 0,2 m.
Deze platen zijn bij hare samenkomst verzwaard.
In elke pantserkoepel rust de affuit beweegbaar op de pivotzuil,
die met behulp van windwerk loodrecht kan worden geheven,
maar niet draaibaar is; de affuit is met een tegengewicht in evenwicht gebracht.
Draaiing van de affuit kan geschieden met een handrad,
of bij eventueel gebrek aan het mechanisme, met een handboom.


In de rechternis van de ingangsopening is aangebracht een centrifugaal
ventilator voor handbeweging, met zuig en drukbuis, waarin
de eerste wordt afgesloten door een draaibare klep,
welke bij zeer hoge luchtdrukking, zoals ontstaat bij het springen
van een projectiel in de onmiddellijke nabijheid van
de monding der zuigbuisleiding, de aanvoeropening tijdelijk afsluit,
waardoor het binnendringen van giftige gassen in de koepelruimte
voorkomen wordt.

 

Kaarten van de aanleg en bouw
terrein, sluizen en gebouwen
Fort bij Aalsmeer
periode 1889 - 1906
(kies kaartnummer onderaan de afbeelding)