Genieloods

De bergloods, met fondamenten hoog 0,48, dik gemiddeld 0,44 m.,
rustte op een liggend roosterwerk van gecreosoteerde
dennenplaten op het natuurlijke staal.
De loods is binnenwerks 35 meter lang en 7 meter breed.

De zijwanden hebben een hoogte van 3,78 meter. boven den vloer. 

De hoogte tot de nok bedraagt 6,7 meter.

De voetmuren zijn 22 cm dik en 84 cm hoog en zijn tot een hoogte van 42 cm
boven de begane grondsvloer opgetrokken.
Op deze voetmuren rusten de verdere houten wanden der loods.

De loods heeft 14 kapgebinten.
De kap is met planken beschoten en gedekt met pannen.

De ruimte onder de kap is door een zoldervloer van de benedenruimte
afgescheiden en oorspronkelijk bereikbaar door 2 steektrappen.
 

Het noordwestelijk vak was van den begane grondsvloer tot de kap door latwerk,
gedekt met vlechtdraad, afgescheiden van den overige ruimten der loods.

De benedenruimte heeft in den buitenwand 3 stel
dubbele deuren en 21 schuifbare lichtramen in 2 bladen.
Er ia voor elk lichtraam een sluitbaar draaiend luik in 2 bladen.
In elk der eindgevels bevindt zich een draaibaar luik
en de zolderruimte wordt verlicht door 14 liggende dakramen.

De vloer van de loods bestaat uit een halfsteens rollaag,
rustende op een platte laag, beiden in zand.

De loods is gedekt door een aan de langen zijden overstekend pannendak,
zonder goten en afvoerbuizen.

Op de nok waren 2 bliksemafleiders aangebracht,
waarvan de afleidplaten ten weten van de loods
in den dijk nabij de voorhaven waren ingegraven.

 

Oorspronkelijke functie:

De loods diende tot berging van Artillerie- en Geniemateriaal.

Rondom de loods was een afrastering van palen en regels,
waarvan 3 barrières, elk wijd 3m. 
Het terrein rondom de loods tot aan de afrastering was begrind.